Business-to-business marketers en social media: koele minnaars?
Amper de helft van de door InSites Consulting ondervraagde B-t-B marketers geeft aan social media te gebruiken ten voordele van hun bedrijf. Daarvan geeft amper 10% aan dat de social media volledig geïntegreerd zijn in het beleid. Aan de andere kant van het spectrum is er een kleine minderheid van 10% die helemaal niets doet met social media en de overige 40% zit in de “snuffelfase”. Vooral de service bedrijven zoals webdevelopers, reclamebureau’s en consultants, behoren tot de early adopters. Meer traditionele bedrijven zoals toeleveranciers en groothandelsbedrijven zijn veel minder vertrouwd met het gebruik van social media. De online vragenlijst van Insites werd voorgelegd aan de klanten van het Erik Van Vooren DM Institute, WDM Belgium en de leden van het BDMA. DM update: het adviesmagazine van het Erik Van Vooren DM Institute is deze maand integraal gewijd aan de impact van de social media op de b-to-b marketing communicatiestrategie.
Uit de InSites studie blijkt dat het gebruik van LinkedIn wijd verspreid is. Niet minder dan 83% van de ondervraagden gebruikt LinkedIn voor zichzelf, nipt gevolgd door Facebook (79%). Als b-to-b marketers social media gebruiken voor bedrijfsdoeleinden, dan is dat in de eerste plaats via LinkedIn (78%), en amper in 57% van de gevallen via Facebook. Bij hun B-to-C collega’s is de situatie omgekeerd: 78% gebruiken Facebook gebruiken en 48% linkedIn. Twitter vult het rijtje aan van de grote drie social mediasites, maar daar is er geen verschil tussen beide sectoren. Zes op de tien B-to-B bedrijven die social media gebruiken, hebben een fan community opgezet die ze gebruiken om in directe communicatie te treden met hun klanten. Het opzetten van een dergelijke community is voor veel bedrijven de eerste stap in de snuffelfase.
Impact op drie vlakken
Om de social media volwaardig te integreren in de communicatiestrategie moet het bedrijf klaar zijn om de werknemers in direct contact te laten treden met de klanten. Dit heeft een impact op drie vlakken. Eerst moeten de werknemers op de hoogte zijn van de mogelijkheden en gevaren bij het gebruik van social media en bereid zijn om zich hieraan aan te passen. Daarnaast dringen zich veranderingen op het niveau van de bedrijfsstructuur op. Tenslotte moeten op het niveau van de bedrijfscultuur bedrijven leren omgaan met controleverlies en hun werknemers vertrouwen om op eigen houtje in dialoog te treden met klanten en prospecten. Een op drie van de ondervraagden ziet die aanpassingen als een serieuze uitdaging.
Verder in dit magazine vertelt Ilse Himschoot hoe de Vlerick Leuven Gent Management School omgaat met de social media. Zij is van mening dat men de impact van de social media niet louter kan vatten met KPI’s: “Ik vind dat je meer aandacht moet besteden aan de tone of voice en sentiment in plaats van het accent te leggen op het aantal followers of fans. Als je merkt dat de reacties positiever worden dan is dat meer waard dan te zien dat je teller stijgt.”
Point of no return
Ad Van Poppel confronteert in de rubriek Tweespraak de mening van Antony Slabinck, een sterke believer als directeur van van LBi een marketing consultancy bedrijf, met de nuchtere kijk van Jean-Pierre Saelen, zaakvoerder van Dhont, een KMO in de bouwsector. Slabinck stelt het heel cru: “De vraag is: hebben de bedrijven die nu niet reageren op social media nog wel bestaansrecht? Zo bedrijfskritisch kunnen social media worden. Sociale media zijn waarschijnlijk een grotere revolutie dan het internet zelf.” Jean-Piere Saelen van zijn kant zegt: “Ik heb onlangs een hele lijst opgesteld: Facebook, Netlog, Twiiter, Youtube, Myspace, Flickr, Ning, enz. Het zijn er zoveel, maar of ze allemaal zullen overleven weet ik niet. Ik vergelijk het met de zoekmachines. Wie kent nog Alta Vista? Een aantal sociale media zal de hype van nu niet overleven. Maar de point of no return is wel bereikt. Dat individuen via nieuwe media met het bedrijfsleven communiceren, zal alleen maar toenemen.”
Cato Léonard, social media consultant, geeft als advies om eerst een content strategie uit te werken: “Welke content heb je al in huis en bekijk dan alle mogelijke kanalen via dewelke je die content kan verspreiden. Zorg er ook voor dat al je content kan gedeeld worden. Geef alle tools in de handen van je klanten om jouw content makkelijk te delen met wie dan ook via het kanaal dat zij verkiezen.”
De volledige InSites studie en interviews leest u in DM Update. Vraag uw gratis proefnummer aan op de website www.dminstitute.be of bel (09.216.66.00)of mail naar Linda Engels Linda@dminstitute.be
Voor meer info: contacteer Erik Van Vooren 09.216.66.00 of erik@dminstitute.be




